Duurzame lokale verankering - wetgeving

Koninklijk besluit van 7 oktober 2009 houdende bijzondere bepalingen met betrekking tot de tewerkstelling van sommige categorie ën van buitenlandse werknemers vermeldt in bijzonder de volgende artikelen:

Artikel 1. §1. In toepassing van artikel 4, § 2, tweede lid van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers kan een arbeidsvergunning toegekend worden wanneer de werkgever de volgende documenten voorlegt:

  1. een kopie van het document dat de Dienst Vreemdelingenzaken aangetekend heeft toegestuurd aan de buitenlandse onderdaan waarbij gesteld wordt dat hij tot verblijf zal worden gemachtigd op voorwaarde van de toekenning van een arbeidskaart B. Dit document vermeldt dat de buitenlandse onderdaan:
    - ononderbroken in België verblijft sedert ten minste 31 maart 2007;
    - tussen 15 september 2009 en 15 december 2009 een aanvraag voor een verblijfsvergunning heeft ingediend bij toepassing van artikel 9bis van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, of in de loop van dezelfde periode een hangende aanvraag heeft vervolledigd op basis van dezelfde wet;
    - geniet van een duurzame lokale verankering in België;
    - voldoet aan alle voorwaarden om een bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister te bekomen voor de duur van één jaar op voorwaarde dat hij een arbeidskaart B voorlegt afgeleverd door de bevoegde gefedereerde overheid;
  2. een of meerdere arbeidsovereenkomsten, opgesteld volgens het model als bijlage gevoegd bij dit besluit, met de buitenlandse onderdaan bedoeld in 1°, hetzij voor bepaalde tijd van minstens één jaar, hetzij voor onbepaalde tijd. Ongeacht het arbeidsregime moet(en) deze overeenkomst(en) een loon opbrengen dat minstens gelijk is aan het gewaarborgd gemiddeld minimum maandinkomen zoals bepaald in de intersectorale collectieve arbeidsovereenkomst nr. 43 van 2 mei 1988 algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 29 juli 1988.

Artikel 1. §2. Om ontvankelijk te zijn moet de in § 1 bedoelde aanvraag voor een arbeidsvergunning bij de bevoegde gewestelijke dienst ingediend worden binnen de drie maanden na datum van verzending van het aangetekend schrijven door de Dienst Vreemdelingenzaken bedoeld in §1, eerste lid, 1°.

Artikel 2. Voor de gevallen bedoeld in artikel 1 zijn de bepalingen van het koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers betreffende de toekenningsvoorwaarden en de aflevering voor de arbeidsvergunning en de arbeidskaart van toepassing met uitzondering van de artikelen 10, 12, eerste lid en 34, 7° van hetzelfde besluit.

Werknemers Buitenlandse Nationaliteit

Terug naar startpagina Werknemers buitenlandse nationaliteit

Contact en openingsuren