B1-4 Specifiek looncriterium - Beroepssporter / Trainer / Scheidsrechter

Algemene bepalingen

De wetgever heeft in artikel 1,2° van het BVR (pdf / 0.17 MB) verduidelijkt wat onder beroepssportlui moet worden verstaan: “De sportlui die aangeworven zijn met een arbeidsovereenkomst voor betaalde sportbeoefenaars conform de wet van 24 februari 1978 betreffende de arbeidsovereenkomst voor betaalde sportbeoefenaars.

Onder betaalde sportbeoefenaars wordt verstaan: de personen die de verplichting aangaan zich voor te bereiden op of deel te nemen aan een sportcompetitie of -exhibitie onder het gezag van een ander persoon tegen een loon dat een bepaald bedrag overschrijdt.
Om betaalde sportbeoefenaar te zijn, moeten dus twee voorwaarden vervuld zijn:  
1. men moet zich voorbereiden op en/of deelnemen aan sportcompetities of -evenementen, tegen betaling van een loon en onder het gezag van een ander persoon;
2. het loon dat men ontvangt moet een bepaalde grens overschrijden.  

De Wet Betaalde Sportbeoefenaars is bij uitbreiding ook van toepassing verklaard op de voetbal- en basketbalscheidsrechters en op de trainers in het voetbal, basketbal, volleybal en wielrennen (trainers in andere sporttakken vallen hier dus niet onder). Daarbij geldt evenzeer als voorwaarde dat hun loon de grens moet overschrijden die nodig is om onder het toepassingsgebied van de Wet Betaalde Sportbeoefenaars te vallen.

Een minimum bezoldiging is de tweede voorwaarde naast zijn arbeidsovereenkomst voor betaalde sportbeoefenaar, met name een jaarlijkse bezoldiging van minimaal 81.600 euro, berekend en aangepast conform artikel 78 van het BVR (pdf / 0.17 MB).

Evenwel zijn trainers die niet verbonden zijn door een arbeidsovereenkomst voor betaalde sportbeoefenaars, tonen een jaarlijkse bezoldiging aan van 40.800 euro, berekend en aangepast conform artikel 78 van het BVR (pdf / 0.17 MB).
 

Hoe aanvragen

Let op: gelieve het aanvraagformulier en de gevraagde documenten LOS in te dienen en ze dus NIET AAN ELKAAR TE NIETEN voor verzending naar onze dienst!

Het aanvraagdossier dient te bestaan uit:

  • een volledig ingevuld formulier “aanvraag tot toelating tot arbeid voor bepaalde duur met gecombineerde vergunning (docx / 0.07 MB)”.
    Wanneer het gaat om een werkgever die in het buitenland gevestigd is, moet de aanvraag worden ingediend via een mandataris die op regelmatige basis in België verblijft, en die hiertoe door de buitenlandse werkgever werd gemachtigd. Wanneer de aanvraag wordt ingediend door een mandataris of gemachtigde, dient een kopie te worden toegevoegd van het identiteitsdocument van de betrokken mandataris.
    belangrijk: op de nieuwe aanvraagformulieren worden specifieke gegevens gevraagd die voorheen mogelijk niet voorkwamen op de 'oude' aanvraagformulieren. Zo wordt er heden steeds gevraagd naar concrete ondernemings- of vestigingsnummers van betrokken ondernemingen, of naar concrete rijksregister- of BISnummers van betrokken personen. Dit staat ten dienste van een correcte identificatie en tevens voor het ophalen van authentieke gegevens uit verschillende externe digitale databanken. Het gebruik van die authentieke bronnen worden noodzakelijk geacht voor het correct verwerken van de ondernemings- en persoonsgegevens door de Dienst Economische Migratie.
    Ook wordt er heden bij een tewerkstelling steeds gevraagd naar de ISCO-code van de concrete functie of job die uitgevoerd zal worden. Deze  International Standard Classification of Occupations wordt gebruikt voor het classificeren van beroepen in een gedefinieerde set van groepen volgens de taken die verricht worden. De concrete codes en bijkomende uitleg kan u terugvinden bij Statbel - voor onze aanvraagformulieren dient u steeds een viercijferige ISCO-code op te geven van de concrete functie of job die uitgevoerd zal worden
    ;
  • een kopie van de buitenlandse identiteitskaart of een kopie van de persoonsgegevens van het internationaal paspoort, en tevens wanneer de werknemer reeds in België aanwezig is op het ogenblik van de indiening van de aanvraag, een kopie van de Belgische verblijfsvergunning;
  • een fotokopie van het identiteitsbewijs van de werkgever of dat van zijn volmachthouder;
  • een kopie van de arbeidsovereenkomst voor sportbeoefenaar conform wet van 24 februari 1978, of in geval van een trainer die niet verbonden is door een dergelijke arbeidsovereenkomst: een kopie van de arbeidsovereenkomst;
  • indien de betrokken werknemer testen voorafgaand aan de tewerkstelling onderging, moet dit aangetoond worden met een kopie van de Overeenkomst voor het testen van een speler (pdf / 0.03 MB), die opgesteld werd door de betrokken sportclub en de testspeler, conform de voorgeschreven modelovereenkomst;
  • het bewijs van de betaling van de retributie (art.61/25-5, §1, 2° van Wet 15/12/1980);
  • een getuigschrift waaruit blijkt dat de onderdaan van een derde land niet veroordeeld is geweest wegens misdaden of wanbedrijven van gemeen recht, als hij ouder is dan achttien jaar. Als het getuigschrift opgesteld is in het buitenland, dient het gelegaliseerd èn vertaald te zijn (Nederlands, Frans of Engels);
  • een medisch attest (of Franstalige versie) waaruit blijkt dat de onderdaan van een derde land niet is aangetast door een van de ziekten bedoeld in de bijlage bij Wet 15/12/1980;
  • het bewijs dat de onderdaan over een ziektekostenverzekering beschikt die alle risico's in België voor hemzelf en zijn familieleden dekt.

Bij een aanvraag tot verlenging of hernieuwing van een lopende arbeidsvergunning en arbeidskaart B dient het aanvraagdossier twee maanden voor het einde van de lopende vergunning te worden ingediend. Het dossier dient te bestaan uit:

  • een volledig ingevuld formulier “aanvraag tot toelating tot arbeid voor bepaalde duur met arbeidskaart en arbeidsvergunning (docx / 0.07 MB)”.
    belangrijk: op de nieuwe aanvraagformulieren worden specifieke gegevens gevraagd die voorheen mogelijk niet voorkwamen op de 'oude' aanvraagformulieren. Zo wordt er heden steeds gevraagd naar concrete ondernemings- of vestigingsnummers van betrokken ondernemingen, of naar concrete rijksregister- of BISnummers van betrokken personen. Dit staat ten dienste van een correcte identificatie en tevens voor het ophalen van authentieke gegevens uit verschillende externe digitale databanken. Het gebruik van die authentieke bronnen worden noodzakelijk geacht voor het correct verwerken van de ondernemings- en persoonsgegevens door de Dienst Economische Migratie.
    Ook wordt er heden bij een tewerkstelling steeds gevraagd naar de ISCO-code van de concrete functie of job die uitgevoerd zal worden. Deze  International Standard Classification of Occupations wordt gebruikt voor het classificeren van beroepen in een gedefinieerde set van groepen volgens de taken die verricht worden. De concrete codes en bijkomende uitleg kan u terugvinden bij Statbel - voor onze aanvraagformulieren dient u steeds een viercijferige ISCO-code op te geven van de concrete functie of job die uitgevoerd zal worden
    ;
  • een kopie van de buitenlandse identiteitskaart of een kopie van de persoonsgegevens van het internationaal paspoort, en tevens een kopie van de Belgische verblijfsvergunning;
  • het bewijs dat hij over een ziektekostenverzekering beschikt die alle risico’s in België voor hemzelf en zijn familieleden dekt;
  • een fotokopie van het identiteitsbewijs van de werkgever of dat van zijn volmachthouder;
  • een kopie van de arbeidsovereenkomst (voor sportbeoefenaar) indien deze gewijzigd is ten opzichte van de vorige tewerkstellingsperiode;
  • een kopie van de loonfiches of loonafrekeningen voor de volledige periode van de toelating tot arbeid die verstrijkt en/of een fotokopie van de individuele rekening na een volledig kalenderjaar waarin de betrokkene heeft gewerkt.
     

Elementen van bezoldiging

Waar voorheen - tot 31/12/2018 in oude regelgeving - het loonbegrip van de Wet van 12 april 1965 betreffende de bescherming van het loon van werknemers (de zogenaamde Loonbeschermingswet) werd toegepast, is vanaf heden bij de invoegetreding van het BVR (pdf / 0.17 MB) van 7 december 2018 voor beroepssporters evenzeer de algemene bezoldigingsregeling van toepassing zoals bepaald in artikel 77:
"De bezoldigingsbedragen, vermeld in dit besluit, vormen de tegenprestatie van uitgevoerde arbeidsprestaties en zijn met zekerheid bekend bij de aanvang van de tewerkstelling van de werknemers in België. De toeslagen die rechtstreeks verbonden zijn aan de detachering van de werknemer, worden beschouwd als een deel van de loonvoorwaarden, als die niet uitgekeerd worden als vergoeding van onkosten die daadwerkelijk gemaakt zijn in verband met de detachering, zoals reiskosten, verblijfskosten en kosten voor voeding."

Dit betekent dat alle premies waarvan op voorhand niet geweten is in hoeverre ze betaald zullen worden, niet als loon worden beschouwd.