Regionale toetsing van het outplacementaanbod

Alle diensten van de Vlaamse overheid zijn gesloten tussen kerstmis en nieuwjaar.

Vragen over regionale toetsing kan u stellen tot en met maandag 24 december 2018 en opnieuw vanaf woensdag 2 januari 2019.

Situering

Het generatiepact bepaalde dat ondernemingen met een collectief ontslag waarbij verlaging van de brugpensioenleeftijd wordt gevraagd, verplicht waren om het sociaal begeleidingsplan voor advies voor te leggen aan de regionale minister van Werk. Deze beoordeelde de begeleidende maatregelen op hun activerend karakter. Het federale KB van 22 april 2009 verplichtte de regionale toetsing voor alle bedrijven met een collectief ontslag met meer dan 20 werknemers.

Vanaf 1 januari 2018 werd de regionale toetsing een bevoegdheid van de regionale minister van Werk van het gewest waar de vestigingseenheid van het bedrijf zich bevindt. Tot en met 2017 gaf de regionale minister van werk een advies aan de federale minister van werk.

In het geval de werkgever meerdere vestigingseenheden bezit die in verschillende gewesten gelegen zijn, dan moet het begeleidingsplan goedgekeurd worden in ieder betrokken gewest.

Het begeleidingsplan bevat minstens 3 maatregelen om de werknemers aan een nieuwe job te helpen:

  • het oprichten van een tewerkstellingscel,
  • het outplacementaanbod en
  • de inspanningen rond opleiding en herplaatsing.

Het outplacementaanbod is maximaal gericht op de (her)tewerkstelling van de ontslagen werknemers. Het activerend gehalte van het outplacementaanbod wordt afgetoetst op de federale normen:

  • Het minimaal aantal uren outplacement bedraagt 30 uren gedurende 3 maand voor -45 jarigen en 60 uren gedurende 6 maand voor +45-jarigen.
  • De kwaliteit van het outplacementaanbod wordt geregeld in CAO 82 en CAO 51. De kwaliteitsvoorwaarden zijn geconcretiseerd in het toetsingskader van de regionale toetsing.