Wat zijn de voorwaarden om deze erkenning te bekomen?

Om erkend te worden, moet de onderneming zich ertoe verbinden alle wettelijke en reglementaire voorwaarden na te leven, voorzien in de wetgeving en de reglementering op de dienstencheques (hierover meer op het formulier om de erkenning aan te vragen - zie "Erkenningsaanvraag"). Deze voorwaarden zijn onder andere, dat de onderneming:

  • een activiteit of een maatschappelijk voorwerp heeft dat minstens gedeeltelijk bestaat uit het leveren van thuishulp van huishoudelijke aard;
  • geen achterstallen op belastingen, sociale bijdragen of op de terugbetaling van door het departement teruggevorderde bedragen heeft;
  • zich niet in staat van faillissement bevindt;
  • geen bestuurder, zaakvoerder, lasthebber of persoon bevoegd om de onderneming te verbinden heeft aan wie de uitoefening van dergelijke functies verboden is geweest ingevolge een gerechtelijk verbod;
  • zich ertoe verbindt onder de bestuurders, zaakvoerders, lasthebbers of personen bevoegd om de onderneming te verbinden, geen personen te hebben die de voorbije drie jaar verwikkeld waren in ten minste één faillissement, vereffening of gelijkaardige verrichting;
  • zich ertoe verbindt onder de bestuurders, zaakvoerders, lasthebbers of personen bevoegd om de onderneming te verbinden, geen personen te hebben die de voorbije vijf jaar aansprakelijk zijn gesteld voor de verbintenissen of schulden van een gefailleerde vennootschap of die door de rechtbank niet verschoonbaar zijn verklaard;
  • zich ertoe verbindt om zijn dienstenchequewerknemers als dusdanig aan te geven in de multifunctionele aangifte (DMFA);
  • om onder de bestuurders, zaakvoerders, lasthebbers of personen bevoegd om de onderneming te verbinden geen personen te hebben die de voorbije drie jaar bestuurder, zaakvoerder, lasthebber of persoon bevoegd om de onderneming te verbinden geweest zijn van een onderneming waarvan de erkenning werd ingetrokken ingevolge een beslissing van de Minister van Werk of die haar erkenning ambtshalve is verloren (behalve wegens inactiviteit);
  • zich ertoe verbindt om onder de zaakvoerders, bestuurders, lasthebbers of personen bevoegd om de onderneming te verbinden geen personen te hebben die binnen de 5 jaar betrokken zijn gewest bij minstens twee faillissementen, vereffeningen of gelijkaardige operaties, met schulden ten opzichte van een instelling belast met het innen van sociale zekerheidsbijdragen;
  • zich ertoe verbindt dat het aantal arbeidsuren gepresteerd door werknemers met een arbeidsovereenkomst dienstencheques, dat per trimester wordt aangegeven bij de RSZ, minstens gelijk is aan het aantal dienstencheques die voor terugbetaling overgemaakt worden aan het uitgiftebedrijf voor prestaties verricht tijdens dezelfde periode;
  • zich ertoe verbindt geen werknemers en klanten direct of indirect te discrimineren als vermeld in artikel 2 van het decreet van 8 mei 2002 houdende evenredige participatie op de arbeidsmarkt;
  • verbindt zich ertoe alle bepalingen van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers en het koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende de uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers, na te leven.
  • eventueel een sui generis afdeling moet oprichten.
    Een onderneming die andere activiteiten verricht dan de activiteiten toegelaten door de wetgeving op de dienstencheques en die eveneens activiteiten wenst te ontwikkelen in het kader van de dienstencheques, moet in haar schoot een sui generis afdeling oprichten voor deze nieuwe bedrijfstak. Deze voorwaarde geldt niet voor de ondernemingen die uitsluitend met dienstencheques werken.
    Deze sui generis afdeling:
    • moet een specifieke verantwoordelijke hebben;
    • moet herkenbaar zijn als erkende onderneming, door haar erkenning en door de publiciteit daaromtrent;
    • impliceert dat de dienstencheque-activiteiten apart van de andere activiteiten van de onderneming worden geregistreerd (ten behoeve van de sociale overlegstructuren in de onderneming, de sociale inspectie, …). De registratie moet op dergelijke wijze georganiseerd worden dat het mogelijk is exact na te gaan wat het verband is tussen de maandelijkse prestaties van elke dienstencheque-werknemer, de gebruiker en de overeenkomstige dienstencheques. Dat betekent onder meer dat het mogelijk moet zijn de dienstencheque-activiteiten te controleren;
    • moet een aparte boekhouding voeren voor de dienstencheque-activiteiten.
  • De onderneming met of zonder sui-generis afdeling moet zich er toe verbinden de registratie van de dienstencheque-activiteiten zo te organiseren dat men exact kan nagaan wat het verband is tussen de maandelijkse prestaties van elke individuele dienstenchequewerknemer, de gebruiker en de overeenkomstige dienstencheques.
  • Het staat de onderneming vrij te bepalen op welke manier zij deze registratie organiseert, maar zij is verplicht om de dienstencheques voor terugbetaling over te maken aan het uitgiftebedrijf, gegroepeerd per maand waarin de prestaties effectief verricht zijn.
  • De onderneming moet zich ertoe verbinden de gegevens die het departement WSE opvraagt in het kader van de gegevensinzameling voor de evaluatie, binnen de vereiste termijn aan het departementte bezorgen.
  • De onderneming moet deelgenomen hebben aan de door het departement WSE georganiseerde informatiesessie over de dienstencheques. Het attest van deelname aan deze sessie moet bij het aanvraagformulier gevoegd worden. U kunt zich inschrijven voor deze opleiding door het on-line formulier in te vullen (www.werk.be). Om u in te schrijven voor de informatiesessie moet u reeds in het bezit zijn van een ondernemingsnummer. Indien de rechtsvorm van de onderneming wijzigt en er een nieuw ondernemingsnummer is toegekend, dient  u de verplichte informatiesessie opnieuw te volgen.
  • Een onderneming die een erkenning dienstencheques wil bekomen moet een bedrag van 25.000 euro storten aan de deposito- en consignatiekas als borgsom.
    • Vanaf heden moeten alle aanvragen tot opening van een nieuw dossier bij de Deposito- en Consignatiekas  uitsluitend gebeuren via het passende formulier, online beschikbaar op de site (www.depositokas.be). Zoniet zal uw aanvraag niet behandeld worden. 
    • Om aan deze voorwaarde te voldoen moet het volledige bedrag van 25.000 euro gestort worden op de rekening BE 58 6792 0040 9979 van de deposito- en consignatiekas.
    • Als mededeling bij deze storting moet het ondernemingsnummer verkregen bij inschrijving in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO) van de onderneming vermeld worden alsook de vermelding “erkenning dienstencheques”. Het ondernemingsnummer bestaat uit tien cijfers. Het eerste cijfer is 0 of 1.
    • Bij onvolledige storting, onbekend ondernemingsnummer of weigering van de erkenning zal het gestorte bedrag integraal teruggestort worden aan de betreffende onderneming. Eventuele terugstortingen gebeuren steeds naar de financiële rekening van waarop de storting gebeurde.
    • De borgsom blijft geblokkeerd tijdens de duur van de erkenning.  Bij een vrijwillige stopzetting van de activiteiten of bij intrekking van de erkenning wordt deze borgsom teruggestort na aftrek van eventuele achterstallen van het departement WSE teruggevorderde bedragen.
  • zich ertoe verbindt geen prestaties te laten verrichten in een omgeving met onaanvaardbare risico's of gevaren voor de werknemers of in een omgeving waar de werknemers het slachtoffer zouden kunnen zijn van misbruiken of discriminatoire praktijken.